21 jaar en blind: “de Heer maakt mij zo gelukkig!”

Vandaag zijn we bij Veerle en haar gastvrije familie, trouwe lezers van ons tijdschrift ‘Aanwezigheid van de Heer’ (*). Veerle is éénentwintig, en sinds drie jaar en half volledig blind. Zo zal het blijven voor haar verdere leven. Toch straalt ze een groot geluk uit. Tijdens ons gesprek is de glimlach nooit ver weg. “Ja, ik wil graag getuigen. Ik wil dit graag doen voor de Heer!”  Ze vertelt.

Mijn droom was binnenhuisarchitecte te worden. Tekenen was voor mij een fijn middel om mij uit te drukken. De middelbare studies lukten goed. Ik heb de studie moeten stopzetten toen ik blind werd. Voordien onderging ik verschillende oogoperaties en had ik reeds een oog verloren. Bij de laatste operatie, aan het andere oog, is het fout gegaan en ben ik helemaal blind geworden. Het is mijn geluk geweest. Vroeger leefde ik zonder de Heer, door het lijden heb ik de Heer leren kennen.

Hoe was het vroeger?

Ik was zoals ieder ander jong meisje. Ik hield van reizen en sporten, Tv-kijken en muziek, winkelen. Ik ging graag fuiven! Maar als ik weer thuis kwam, voelde ik mij niet echt voldaan. Is dat nu het geluk, vroeg ik mij af? Mijn leven van vroeger was niet echt vervullend. Toen ik nog zien kon, was ik ook wel gelukkig, maar nu is het heel anders. Ik heb de Heer gevonden.

Het verschil met vroeger?

Nu is dat geluk héél intens, héél vol, héél intiem. Veel blijvender. Je voelt je altijd blij. Vroeger was dat op en neer. Je ervaart de vreugde van Zijn nabijheid. Je ervaart die vreugde als een geschenk. Je ervaart Jezus als een enorme waarde. Je hart straalt, ik voel.., enfin, de Heer straalt in mijn hart. Als je gewoon bezig bent, heb je dat minder. Maar als je stilzit en met de Heer spreekt is dat veel intenser. Ik verlang er naar doorlopend bij Hem te zijn.

Vroeger leefde ik zonder de Heer. Nu kan ik niet meer zonder Hem. Ik kan mij niet meer voorstellen dat ik dit ooit heb gekund. Ik zou niet opnieuw willen ruilen met dat leven van vroeger! Natuurlijk zou ik willen zién, maar niet willen ruilen met dat leven zonder de Heer: dat had zo weinig zin. De Heer heeft bepaalde dingen ontnomen: Hij heeft zichzelf in de plaats gegeven.

Toen je blind werd, was die aanwezigheid er nog niet?

Ik ben voordien nog andere keren geopereerd geweest en was toen ook een poos niet-ziende geweest. Ik dacht: het zicht komt wel terug. Ik heb weken in die veronderstelling geleefd. Het besef dat ik voor altijd blind zou zijn, is geleidelijk aan gekomen. Toen is ook de Heer gekomen! Toen al het andere aan het wegvallen was. Ik ben niet in een onmetelijke put gevallen: het overlapte elkaar, het verving geleidelijk elkaar. Eigenlijk was er eerst wel een leegte, ja. Als ik ‘s morgens opstond, gewassen was, gegeten had, zat ik in de zetel en vroeg me af: wat moet ik nu doen? Nu bid ik.

Hoe is die overgang er gekomen?

Omdat moeder al zo leefde. Zij heeft mij daarover verteld, mij daarover voorgelezen. En zo ben ik meer aan het bidden gegaan, heb ik de Heer leren kennen. Maar op een bepaald ogenblik heeft de Heer het overgenomen. Toen toonde Hij zichzelf. Als je je opent, kan Hij zich tonen.

“Tonen”?

Dat je Hem voelt… dat je zijn liefde en zijn vreugde voelt. Op een geestelijke manier dan. Ik zie nu ook niet, maar ik weet toch wat de tafel is, wat een boterham is, wat u bent. Maar de Heer stel je je niet voor, dat is weer anders. Toch schitteren zijn ogen van zijn licht… Als ik bid, concentreer ik mij op mijn hart. En dan komt de Heer. Je hart kan heel intens voelen dat Hij daar is. Dat is voor mij vanzelf gekomen. Toen ik eens ging neerzitten om te bidden begon mijn hart ineens a.h.w. te stralen, een heel warme gloed. Dat had niemand mij geleerd. Dat heeft de Heer mij gegeven. En sindsdien ben ik mij altijd op mijn hart gaan concentreren wanneer ik bid.

Wat is bidden voor jou? Kun je dat zeggen?

Spreken met de Heer. Alles in zijn handen leggen, ik voel dan dat het van mij afgenomen wordt. Voelen van zijn Aanwezigheid…, Hem danken voor zoveel, voor dat geluk…, zoveel om dankbaar voor te zijn. Of gewoon niets zeggen, stil bij Hem zijn en je dicht bij Hem voelen, en Hem in jou voelen. Bidden wordt dan beminnen, tonen aan de Heer dat je van Hem houdt. Ik denk dat Hij dit graag heeft. Hij is de liefde. En naar liefde zoeken wij allemaal. Hij ook. Echt waar, er is veel meer liefde in mijn leven gekomen. Je kijkt ook met andere ogen naar de mensen.

Hoezo?

De Heer toont Zijn liefde in de andere mensen. Hij toont zich voortdurend, ook in de mensen. Als je niet ziet, voel je de anderen veel meer aan, voel je hun stemmingen aan in hun stem. De stem zegt veel over hoe iemand is. Je hoort veel beter. Ik luister zo graag naar een viool met diep gevoel of naar de menselijke stem: het mooiste instrument dat er bestaat. Als er een wagen stopt voor het huis, herken ik aan de motor wie het is. Als we in de natuur zijn, hoor ik alles: het zingen van de wind in de bomen, het ritselen van de bladeren, het fluiten van de vogeltjes, het kabbelen van de beek…

Ik luister graag naar de mensen. Naar hun verhalen. Of als ze zich eens moeten uitspreken. Als bij een psycholoog. In mijn hart bid ik dan voor hen. Ik probeer graag om de Heer in alles te betrekken: in de natuur, de dingen, de mensen. Ik bid voor de politici, dat ze het land op een juiste manier mogen besturen, dat er eerlijkheid mag zijn, vertrouwen… Dat zou een droom zijn: een mooie wereld voor de Heer, en de Heer die leeft in de mensen. Ik bid voor de Kerk, voor de jonge mensen. Ik hoor graag over jonge mensen die geloven. Ik ontvang het tijdschrift ‘Youth for Christ’, dat komt uit Nederland. Geloven geeft zoveel kracht, moed, hoop. Ik bid dat alle mensen mogen weten dat de Heer bij hen is. Je mag het goed hebben, veel geld hebben, maar dat is allemaal zo tijdelijk en materieel. Maar de Heer is enorm vervullend.

Je voelt je nooit eens eenzaam?

(Lacht) Neen, eigenlijk niet. Ik voel mij nooit alleen. Ik ben graag gewoon thuis, zelfs liefst thuis. We gaan naar de Mis, geregeld eens naar Banneux, veel wandelen in de natuur, weggaan als het nodig is, ja, of gaan winkelen als ik iets moet hebben. Maar dan voel ik de Heer niet meer zo goed in de drukte.

Toch moeten vele mensen leven in de drukte…

(Nadenkend) Ik weet niet of ik dat nog zou kunnen. Ik ben het te goed gewoon. Hij geeft mij zoveel dat ik er niet meer zonder kan. De Heer geeft overvloedig. De diepste vervulling. Als ik dat niet heb gehad, voel ik dat ik iets heb gemist. Maar je kan dat niet op commando hebben. Gaan zitten en zeggen: nu gaat het komen… Dat kan je niet zelf. Het is een geschenk. Een heel fijn geluk, onbeschrijfelijk. Het hoogste geluk, als zijn Aanwezigheid je hele hart en bewustzijn vervult!

Je gebruikte daarnet het woord “vervulling”. Een heel mooi woord.

Ja, zo voelt dat (diepe zucht). Heerlijk vervuld (lacht)! Ik leef niet in een leegte. Ik voel mij héél vervuld. Ontroerend is zijn aanraking waarmee Hij ons zijn onuitsprekelijke liefde openbaart. (Dan heel ernstig) Eigenlijk is het niet zwaar wat ik heb. Ik heb geen pijn. Ik kan nog rondlopen in huis. Wat ik veel erger vind, dat is mensen met pijn in hun hart. Die zich eenzaam voelen.

Ik heb niet het gevoel dat ik iets mis omdat ik niet zie of zo. Ik kijk geen TV, ik ga nooit op stap, mijn wereld is verkleind, maar tegelijk ook erg verruimd. Ik verlang niet meer zo naar het andere. De Heer is mijn grote liefde geworden, mijn beste vriend. Ik verveel mij nooit. Helemaal nooit!

Je hebt nog andere bezigheden?

Soms wat breien (lacht). Typen kan ik ook nog, schrijven naar vriendinnen. En ik lees brailleschrift. Ik ben bij een paar bibliotheken, die sturen dan brailleboeken op. Ik beluister ook muziek. En cassettes. Hier thuis heb ik mijn twee engelen die veel voor mij voorlezen. Liefst van al ben ik bezig met de dingen over het geloof en de innerlijke vrede. De rest zegt mij niet meer zoveel. Mijn dierbaarste boek? Het Johannes-evangelie! Die Liefde daarin, het Licht!

Ik leef niet in een nacht, nee, nee. Ik heb innerlijk licht, het is een soort geestelijk zien. Het voornaamste is niet dat zien en voelen, maar het weten en het beleven. Mijn grootste verlangen is, bij de Heer te zijn. Bij alles wat je doet stilstaan en danken en aan Hem opdragen. Als je onder de douche staat, als je eet, bij alles. Hij heeft mij dat zo leren zien.

Het is niet altijd vanzelfsprekend?

Meestal als ik in de drukte ben geweest, is er tijd nodig om weer stil te worden. Dan dwalen mijn gedachten af en kan ik mij niet concentreren. Als ik niet genoeg heb kunnen bidden, kan ik mij nog humeurig voelen. Als ik blijf bidden komt de Heer terug. Als ik me weer concentreer op Jezus, voel ik zijn Aanwezigheid. Als ik niet geconcentreerd ben, let je daar niet op. Ik stop af en toe om vrijwillig aan Hem te denken, om een bewuste duik te maken in zijn Aanwezigheid.

Zijn andere mensen een steun in je gebed?

Vroeger had ik behoefte om mij uit te drukken in plastische vormen. Nu geeft het mij veel vervulling te kunnen praten over de dingen van de Heer. Dat maakt mij nooit moe. Het werkt aanstekelijk met anderen te kunnen delen. De mensen die de Heer volgen, stralen vreugde uit, je hoort die blijheid in hun stem.

Wij bidden elke dag samen in ons gezin. En andere mensen sluiten zich daar geregeld bij aan. Er wordt een gebed voorgelezen, men bidt vanuit het hart, er zijn stille momenten, we bidden het onzevader, weesgegroeten… Dan voelen we de Heer en Moeder Maria zeer dicht nabij.

Ook Maria?

Maria is mijn moeder… ik spreek veel met haar. Haar liefde voel ik ook. Ik ben dikwijls op mijn kamer alleen, mijn kamertje is voor mij ook een kapelletje. Meestal zit ik op de rand van mijn bed als ik bid. Ik voel dan alsof zij bij me zit: dat levend gevoel dat zij er echt is, en een moeder is die van ons houdt.

De toekomst?

Zien kan ik niet meer. Er zijn geen verdere onderzoeken meer; ze kunnen niets meer doen. Ik leg alles in Zijn handen. Ik heb mijn dromen gehad: bouwen, reizen, een gezin en deze droom heb ik nog altijd, een gezin waar de Heer centraal in het midden staat. Maar ik leg het allemaal in Zijn handen. Ik heb liever dat de Heer het geeft. Hij weet het best wat Hij met me voorheeft en Hij zal het mij wel tonen. Eens moeten we toch allemaal onze ogen sluiten en worden we aan de andere kant wakker. Dat perspectief leeft in mij. Wij leven hier maar eventjes, maar leven is eeuwig. Anders zou het niet veel zin hebben. Ik voel aan dat het niet kan gedaan zijn. Alles is veel groter. Ik zou graag mezelf vergeten en van mijn leven iets moois maken voor de Heer. Dat is de liefde.

Veerle, duizenden mensen zullen je getuigenis lezen. Zou je aan het eind van ons gesprek nog een boodschap willen zeggen aan al die mensen?

(Lachend) Oei oei… (Na een zeer lange stilte) Ik wens ze allemaal toe dat ze de Aanwezigheid van de Heer mogen vinden in hun hart.

Veerle (vanwege privacy is de echte naam niet vernoemd, maar wel bij de redactie bekend)

(*) Vgl. ‘Aanwezigheid van de Heer’, driemaandelijks tijdschrift, Dendermonde, zevende jaargang, december 1998 – februari 1999, nr. 25, geen pagina-aanduiding.

***   ***   ***   ***   ***

One Comment to “21 jaar en blind: “de Heer maakt mij zo gelukkig!””

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: