De Kerk is een bootje

De Kerk is een bootje: “Ik ben geen profeet, maar men zegt voortdurend dat de Kerk momenteel ziek is… Hoe dan ook, ik kan alvast getuigen dat Christus niet ziek is. Hij is verrezen en zijn evangelie is niet verouderd of voorbijgestreefd. Wat de Kerk betreft, ze bestaat uit mensen en als mensen ziek zijn, dan is dat een schok voor de Kerk. Daardoor is de Kerk inderdaad in crisis, maar ik weet – en dit is de diepste overtuiging van mijn geloof – dat het een groeicrisis is.

Deze crisis is belangrijk; ze kan misschien heel zwaar zijn, doch ze moet ons daarom niet verpletteren. Zij maakt me niet bang. De Kerk is een schip met miljoenen mannen en vrouwen en gezinnen aan boord. De boot is gemaakt om stormen te trotseren. Ze zal standhouden, zelfs als sommige passagiers zeeziek worden. Er zijn er die niet graag het hoofd bieden aan die geweldige storm; daarom zoeken ze naar een schuiloord. Anderen willen te vlug gaan en willen snel aan wal een nieuw land opzoeken. We moeten echter aanvaarden te leven op het ritme van de wereld, meer zelfs, op het ritme van God… en de koers houden die Christus ons aangewezen heeft!” (Zo sprak Kardinaal Marty, bisschop van Parijs, in de meidagen van 1968!)

Opgelet! Wat vieren wij precies met Kerstmis?

Er wordt vandaag de dag van alles verteld: het is het feest van het Kind Jezus, van het1icht, van de vrede, van de solidariteit, van de kinderen, van de gerechtigheid, en nog veel meer. Dat alles is niet verkeerd. Maar wat is feitelijk de kern van het feest?

Op de laatste zondag van de advent afgelopen zondag (19 december 2010), de laatste voor het kerstfeest, hoorden we in de evangelielezing het verhaal van de geboorte van Jezus, zoals opgetekend door Mattheüs. Daarin staat te lezen: “Dit alles is gebeurd opdat in vervulling zou gaan wat bij monde van de profeet door de Heer gezegd is: ‘De maagd zal zwanger zijn en een zoon baren, en men zal hem de naam Immanuël geven’, wat betekent ‘God met ons’.”

We kunnen het kort samenvatten als volgt: met Kerstmis vieren wij op de eerste plaats…

1. De overgrote liefde van God voor de mensen.

“De goedheid en mensenliefde van God onze Heiland is op aarde verschenen” (Titus 3,4)

2. Dat het Kind Jezus is Gods Zoon.

Later zal die volwassen Jezus zeggen: ‘Wie mij ziet, ziet de Vader’; ‘Ik en de Vader, Wij zijn één’; ‘de Vader is in Mij en Ik ben in de Vader’.

3. God werkt meestal in de stilte en zeer bescheiden.

Maria, een onbekend meisje; Jozef, een stille ambachtsman; de geboorte geschiedt in een arme stal, verreweg van de menigte, en wordt kort en sober verteld; de eerste bezoekjes: enkele ruwe herders aan wie meegedeeld wordt: “Heden is u een Redder geboren”.

Nu (in 2010!) wij leven in een klimaat van ‘godsverduistering’ is het belangrijk dat wij voor onszelf, en ook voor onze medemensen, dat ‘Gods-gebeuren’ speciaal in de verf zetten en ook trachten te beleven.

Zeggen wij dikwijls in deze dagen van Kerstmis: ‘Naar U gaat mijn verlangen, Heer’. ‘Heer, mijn God, ik ben zeker van U’. Wij mogen jubelen, samen met de engelen en alle mensen van goede wil: “Eer aan God in de hoge, en vrede op aarde aan de mensen die Hij liefheeft!”

Bewerking van tekst uit: Woord van Leven 2010, maandblad december 2010, Jaargang 36, Nr. 12, Bert van Brabant, Brugge, blz. 1-2.

Past. J. Geudens

Blog: http://post-van-pastoor-geudens.clubs.nl

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: